Imprints

Sommige ervaringen in onze kinderjaren of in ons latere leven laten een blijvende indruk na. Het zou bijvoorbeeld kunnen dat je je als kind op een bepaald moment niet geaccepteerd hebt gevoeld. Als dit een intense ervaring voor je was, is het mogelijk dat er een imprint van wordt gemaakt in je onderbewuste.

Het beeld van afwijzing wordt dan opgenomen en geprogrammeerd. In de mate dat je dit beeld niet emotioneel verwerkt, blijft het je parten spelen in latere gebeurtenissen. Om er mee te kunnen leven creëer je beperkende overtuigingen. In bepaalde situaties kunnen die beperkende overtuigingen hevig opspelen, waardoor ze je verhinderen om je volle potentieel in te zetten.

Als je een imprint van afwijzing hebt, zou je bijvoorbeeld op een moment dat je een groep iets duidelijk wil maken dat afwijkt van de norm, jezelf kunnen saboteren met de gedachte: “Als ik mijn idee op tafel leg, gaan ze mij dan niet stom vinden? Veel kans dat ze het belachelijk vinden, ik begin er niet aan.” De gedachte aan afwijzing ontneemt je je kracht, waardoor je niet doet wat je eigenlijk had willen doen.

Het goede nieuws is dat je je beperkende gedachten op het spoor kan komen en kan herprogrammeren. Sensitieve mensen zijn gevoeliger aan imprints , maar kunnen ze ook sneller herprogrammeren. 

 

Praktijk case:

Jan heeft een emotioneel geladen overtuiging geïnstalleerd op school. Zijn overtuiging: “Ik kan het toch niet”. Die overtuiging is er gekomen door een strenge leerkracht die Jan er telkens op wees dat hij het niet aankon, dat hij beter een andere richting koos. Jan had de indruk dat het nooit goed genoeg was en dat de leerkracht het fijn vond om dat aan heel de klas te laten weten.

Hij had het gevoel dat de leerkracht er een speciaal soort genoegen in schepte om hem telkens opnieuw neer te halen. Jan heeft de gedachte “Je kan het toch niet” aangenomen als absolute waarheid. Zijn manier om met die gedachte om te gaan was: “Jullie denken dat ik het niet kan, ik zal jullie wel eens laten zien wat ik kan.”

Die strijdlustige houding heeft hem al heel ver gebracht. Hij komt daardoor ook heel zelfzeker over. Nochtans is hij er zelf nog wel van overtuigd dat hij het niet kan. Als hij er tijdens politiek geladen meetings niet in slaagt om voor de organisatie waar hij directeur van is, voldoende akkoorden binnen te halen, dan ziet hij dat als een persoonlijk falen. Hij focust zich dan op wat er niet gelukt is en kan niet meer zien wat hij wel voor elkaar heeft gekregen. Hij merkt dat dit hem ook tijdens de meeting minder sterk maakt. 

Wil je met jouw sensitieve eigenschappen een tegengewicht bieden en meer warmte, menselijkheid en echtheid in organisaties willen brengen? Volg dan het online programma “De kracht van sensitieve leiders”.